Leiders in beweging komt voort uit de overtuiging dat ieders leiderschap continu in ontwikkeling is.
Hierbij gaat het om de ontwikkeling van zelfkennis op het gebied van o.a. eigenwaarde, zingeving, moraliteit en ambitie.
Levensfasen, afhankelijkheid, veranderende mogelijkheden en doelstellingen, diversiteit aan culturen, competenties en persoonlijke overtuigingen zijn zaken die in ieders leven langskomen en waar we ons toe dienen te verhouden. Verhouden in de zin van praktisch en doordacht op inspelen. Zowel in ons privé- als werkdomein.

Om in de dagelijkse praktijk adequaat te kunnen bijdragen en beloond te worden, is regelmatig reflecteren – waar kom ik vandaan, waar sta ik nu en waar wil ik heen – een vereiste.
Niet de HOE vraag is hierbij leidend maar veeleer de vraag naar de bedoeling van wat je doet en het uiteindelijke – gezamenlijke – doel. Door een onderzoekende open houding ontwikkel je inzichten die je leiden naar antwoorden op jouw actuele vragen. Antwoorden die passen bij jou en jouw verder helpen.

Leiders in beweging staan dus niet alleen stil bij de stand van zaken maar dragen continu bij aan de ontwikkeling hiervan.
We doen dit door bouwstenen aan te dragen voor jouw persoonlijke leiderschapsontwikkeling.
Ons aanbod aan bouwstenen is eclectisch samengesteld. Allen gericht op bewustwording en ontwikkeling.
Niet één leidende methodiek maar een aanbod dat bestaat uit ontmoetingen tijdens welke we leren van en met elkaar en die geënt zijn op bovenstaande uitgangspunten. Allen begeleidt door een ervaren en inspirerende coach/gespreksleider met verstand van zaken.

Vijf leidende woorden

In het aanbod van Leiders in beweging zijn vijf woorden leidend. Vijf woorden die top of mind zijn in iedere leidinggevende en waarop zijn/haar beleid en aanpak zijn gestoeld en aan getoetst wordt.

1. Bedoeling
Als leidinggevende weet je helder te verwoorden wat feitelijk de bedoeling is van het werk dat verricht moet worden. Waar dient en leidt het toe? Waar draagt het toe bij? Welk verlangen ligt er aan ten grondslag?
De initiatiefnemer van de organisatie of bedrijf wilde iets tot stand brengen. Wat had hij/zij voor ogen? En wanneer zou hij/zij tevreden zijn met het resultaat?
Weet jij dit goed te verwoorden aan je medewerkers in team of bedrijf?

2. Essentie
De essentie van het werk als leidinggevende is te benaderen vanuit vier invalshoeken die onlosmakelijk met elkaar verbonden zijn en elkaar beïnvloeden namelijk: HET, WIJ, ZIJ en IK.
HET staat voor: Wat is feitelijk het product of dienst dat wij leveren?
WIJ staat voor: Waar bestaat onze WIJ uit? Ons team aan medewerkers? Wie zijn het en wat brengen zij. Individueel en als team?
ZIJ staat voor: Voor wie willen wij werken/produceren?
IK staat voor: Wie is IK in de organisatie of bedrijf? Wat kom IK brengen én halen? Waar sta IK voor en waar ga IK voor? Wat zouden ze missen wanneer ik er niet zou zijn?

3. Deugden
Vraag jezelf eens af of wat jij doet in jouw bedrijf deugt. Kun jij voor jezelf verantwoorden wat en hoe je jouw werk doet?
En geldt dat ook voor het gehele bedrijf?
De z.g.n. Kardinale deugden zijn hiervoor een goede leidraad:
– Is wat ik en het bedrijf doet rechtvaardig? (b.v. is wat wij doen te rechtvaardigen in onze samenleving?)
– Is wat ik en het bedrijf doet maathoudend? (b.v. handelen we ten koste van onze samenleving of weten we maat te houden?)
– Is wat ik en het bedrijf doet moedig? (b.v. zijn we ondernemend en vernieuwend?)
– Is wat ik en het bedrijf doet gebaseerd op wijsheid? (b.v. hebben we voldoende kennis van zaken?)

Deze vragen zijn natuurlijk ook toepasbaar op hoe we intern in de organisatie met elkaar omgaan.

4. Doel
Je weet als leidinggevende precies te vertellen wat de korte termijn, middellange en langere termijndoelen zijn van het bedrijf.
Deze doelstellingen toets je aan de bedoeling van het bedrijf en baseer je jouw beleid en aanpak op. Wil je 10% groei? Wil je continuïteit? Wil je ….?

5. Richting
Doelstellingen bereik je door richting aan te geven. Welke afslagen nemen we als team/bedrijf? Gaan we bij wijze van spreken uitbreiden richting Limburg of Friesland? Gaan we langzaam en gestaag of snel?